De eenzaamheid van een marathonloopster

Luieriken lopen geen marathons. Die moeten keihard trainen, maanden aan een stuk, want het menselijk lichaam is in zijn basisversie niet geschikt om 42,195 kilometer aan een stuk te lopen. Dat lichaam moet daarvoor een serieuze upgrade krijgen.

Als je als een marathonloper wil beleggen, mag je daarentegen gerust wél lui zijn. Liefst zelfs. Luiheid is een deugd in de beleggingssport, want marathonbeleggers zijn betere beleggers dan spurtende beleggers. Om u van die stelling te overtuigen laat ik Zanna Massaert aan het woord. Zanna is de huisbelegster van Mister Market Magazine, en legt uit waarom marathonbeleggen de best mogelijke beleggingsstrategie is in beursland.

‘Ik jog. Volgens de boekskes zit ik dus met een gezonde geest in een gezond lichaam. In de praktijk ben ik na het joggen een geestelijk en lichamelijk knalrood, druppend, hijgend en piepend wrak, dus ik twijfel of ik de boekskes zomaar mag geloven. En dan loop ik bijlange na geen 42 kilometer, zoals die Oude Griek lang geleden, die van Marathon naar Athene jogde.

Op de beurs loop ik nochtans wel een soortement marathon. Geen 42 kilometer daar, maar 42 jaar. Nog een maandje en ik heb 21 jaar achter de hielen. Het halfwegpunt is vlakbij.

De grote uitdaging voor een amateurmarathonbelegger als ik is de eindmeet halen. Volhouden dus, door krachten te doseren, het ritme aan te houden, gefocust te blijven, de geestelijke rust te bewaren. Nooit onbesuisd worden, nooit die snellere knapperd die me voorbijsteekt willen bijbenen.

Cruciaal is dat. Vraag een marathonloper na telkens 5 kilometer een sprintje te trekken om te bewijzen hoe gezwind hij wel is, en hij haalt nooit de finish. Dat tussentijds sprinten is nochtans net wat professionele beleggers moeten doen. Ze horen voor hun cliënten mooie returns te genereren over de lange termijn, maar wee hen als ze eens een paar kwartalen trager lopen dan het marktgemiddelde. Dat wordt niet gepikt, niet door hun klanten, niet door hun bazen.

De stakkers. Blij dat ik het anders mag doen dan zij.

Die rust inbouwen in mijn beursmarathon blijkt lonend. Hoe minder ik me afbeul, hoe beter mijn rendement. In 2008 deed ik veruit de meeste transacties (27!). Het is tevens veruit mijn slechtste beursjaar. In 2002, eveneens een snertjaar, kocht en verkocht ik ook veel meer dan gewoonlijk. In 2014 deed ik 14 transacties, mijn rendement was teleurstellend. In 2012 deed ik amper 8 transacties en won ik 35%. In 2015 haalde ik een rendement van 22,8% met tien transacties, waarvan dan nog twee kapitaalverhogingen (Recticel en Solvay).

In 2016, ook een redelijk mooi jaar voor mij (+11,9%), deed ik zeven transacties. In het naar zijn eind lopende 2017 heb ik er voorlopig zes gedaan. En ook dit jaar wordt een goed jaar, met een voorlopige return van 13,3% sedert Nieuwjaar.

Echt moe heb ik me in de voorbije jaren niet moeten maken. Dat is ook de reden waarom ik nog zo fris ben voor de volgende 21 jaar. En was dat zonet niet die snelle knapperd langs de weg, compleet leeggelopen? Tja, die had maar rustig moeten blijven.

Lang leve de luie marathonloper.’

Tot daar ons Zanna. Twee extra commentaartjes evenwel.

Een: onderschat de discipline niet die een marathonbelegster continu moet opbrengen. Het is een discipline van het wreedste soort: neen zeggen tegen alle verleidingen onderweg, geen groepjes opzoeken, alleen kunnen blijven. ‘Kom, doe met mij een spurtje’, ken je dat? Zanna noemt het wat pejoratiefjes ‘lui zijn’, maar ‘geduld hebben’ is een betere omschrijving. En geduld hebben is minder simpel dan het lijkt. Of zoals de vergeten beursfilosoof Dickson G.Watts het in n°64 zo mooi formuleerde: ‘Geduld is volgehouden moed.’

Twee: die ‘stakkers’, de professionele vermogensbeheerders dus, beseffen zelf ook wel dat het hun niet gegund is om op een gezapig tempo een marathon te lopen. Ik had onlangs een gesprek met een vermogensbeheerder, die me op het hart drukte dat ook hij vond dat de eindelijk ietwat toegenomen volatiliteit, of de prille nervositeit van de voorbije weken, eigenlijk geen gunstige maatstaf is voor risico, eerder voor opportuniteit (dat rijmt beter ook). ‘Als je op het eind van de rit een mooi rendement realiseert, wat maakt het dan uit als je voor het eind nu en dan op zware tijdelijke verliezen koerst?’, zei hij. ‘Maar maak dat onze particuliere klanten maar wijs. Na enkele verliesdagen op rij worden ze al zenuwachtig. Nog enkele dagen later zijn ze het beu en stappen ze ontgoocheld uit. Ontgoocheld in ons.’I

De stakker.

Dit artikel verscheen eerder deze week op www.debeleggersgids.be

Posted on 23 november 2017 at 10:30

Tags:

1 reactie

Comments (1)

  1. Louis Jacobs

    23 november 2017 at 17:31

    Op 26 september 2007 kocht ik mijn eerste DECEUNINCKs à 17,83 €.
    Bijgekocht en ingeschreven op kapitaalverhoging, mijn break even is nu 2,02 €.

    Als dat gene marathon is dan weet ik het ook niet meer …

Geef een reactie